Ga naar de inhoud van deze pagina.
Kadernota 2027 Kadernota 2027

Financiële mutaties bestaand beleid

Bestaand beleid

Bedragen x € 1.000

Toelichting:

  1. Bij de invoering van de reclamebelasting is afgesproken dat deze wordt geïnd tot en met het jaar 2029. De tegenprestatie voor deze belasting is de integrale kwalitatieve opwaardering van de binnenstad. Dit betrof het 'oude' masterplan voor de binnenstad. In de komende collegeperiode van vier jaar eindigt de reclamebelasting. In de Programmabegroting 2027 vanaf het jaar 2030 vervallen de structurele inkomsten uit de reclamebelasting van ongeveer € 450.000.
  2. In de Programmabegroting 2026 is t/m 2029 is een tijdelijke korting op de dotatie aan de onderhoudsvoorzieningen doorgevoerd. De oorzaak lag in de vertraging in de doorlooptijden bij de realisatie van bouwkundige werken en werken in de openbare ruimte aan infrastructuur. Omdat het op voorhand niet altijd duidelijk is waar de eventuele vertraging in de werken gaat komen, kiezen we ervoor om niet vooraf werken te schrappen in de begroting. Met een korting op de dotatie kunnen we op basis van de voortgang en eventuele vertraging de middelen daar inzetten waar ze nodig zijn, zonder dat we een onnodig hoog beslag op de beschikbare middelen van de gemeente Goes leggen. De verwachting voor de doorlooptijden voor de komende jaren is zodanig dat de korting ook voor de jaren t/m 2029 verantwoord lijkt. Als echter tegen het eind van 2027 de gehele keten van voorbereiding en realisatie weer normale doorlooptijden kent, zal een gebrek aan middelen kunnen ontstaan. Op dat moment zal incidenteel een verzoek tot extra middelen worden gedaan. Doordat sprake is van een tijdelijke korting is het budget vanaf 2030 weer toegevoegd aan het meerjarenperspectief.
  3. De hogere kosten in de kadernota 2027 zijn het gevolg van de uitbreiding van het areaal aan wegen en groen, wat leidt tot extra beheer- en onderhoudslasten.
  4. Het aantal nesten van de Aziatische Hoornaar is in 2025 explosiever toegenomen dan vooraf ingeschat. Ondanks intensieve bestrijding is op basis van ervaringscijfers van o.a. Zeeuws Vlaanderen is de verwachting dat de toename voor 2026 minimaal met factor 3 plaats vindt. Inmiddels heeft de Provincie zich teruggetrokken in de bestrijding en komen de kosten hiervoor volledig bij de gemeente. Op basis van de factor 3 toename is een extra budget benodigd om de bestrijding van de nesten uit te voeren. Daarnaast is het budget van de rattenbestrijding de afgelopen jaren niet dekkend met de kosten die in rekening gebracht wordt conform de samenwerking met gemeente Borsele.
  5. De rustperiode van met name voetbal is in de zomerperiode. In deze periode wordt het groot onderhoud van de velden uitgevoerd. Dit bestaat o.a. uit het inzaaien van de velden. Om het graszaad te laten ontkiemen en het gras te laten groeien met als doel een stabiele grasmat tijdens het speelseizoen, is water benodigd. De periode waarin de werkzaamheden uitgevoerd worden is de droogste periode van het jaar. Door de klimaatveranderingen wordt de droogteperiodes steeds langer en wordt het warmer en droger. De afgelopen jaren is het daardoor noodzakelijk geweest om te beregenen. Omdat er geen zoet water voorhanden is en duur leidingwater niet duurzaam is om te gebruiken voor het besproeien van de velden moet er water aangevoerd worden. De hier opgevoerde kosten zijn de kosten om de hoogst noodzakelijke beregening uit te voeren.
  6. Voor 2026 is het groenonderhoud van de openbare ruimte opnieuw aanbesteed. De kosten voor het regulier onderhoud van het groen is na de aanbesteding ruim hoger dan de beschikbare budgetten. Dit komt o.a. door de toename van de lengte van het groeiseizoen. Door de klimaatverandering is het eerder warm en langer warm waardoor bv. het maaien en de onkruidbestrijding al half Maart start en door loopt tot in November en soms December. Hierdoor zijn meer onderhoudsbeurten noodzakelijk om het plantsoen aan het vastgestelde beeld te laten voldoen dan zo'n 10 jaar geleden. Door drogere zomers is het noodzakelijk om bij nieuw aangeplante bomen water te geven om de boom de aanplant te laten overleven. De eenheidsprijzen van de aannemers staan daarnaast onder druk door de schaarste aan personeel en inflatie.
  7. Voor 2026 is het groenonderhoud op de begraafplaatsen opnieuw aanbesteed. De kosten voor het regulieren onderhoud groen is na de aanbesteding ruim hoger dan het beschikbare budget. Dit komt o.a. door de toename van de lengte van het groeiseizoen. Door de klimaatverandering is het eerder warm en langer warm waardoor bv. het maaien en de onkruidbestrijding al half maart start en door loopt tot in november en soms december. Hierdoor zijn meer onderhoudsbeurten noodzakelijk om het groen aan het vastgestelde beeld te laten voldoen dan zo'n 10 jaar geleden. Door drogere zomers is het noodzakelijk om bij nieuw aangeplante bomen water te geven om de boom de aanplant te laten overleven. De eenheidsprijzen van de aannemers staan daarnaast onder druk door de schaarste aan personeel en inflatie.
  8. Dit budget is benodigd voor het opstellen van het biodiversiteitsbeleid.
  9. Dit betreft de hogere kosten naar aanleiding van de areaaluitbreiding van o.a. het bedrijvenpark Deltaweg, riool van Dusseldorpstraat en update van het kolkbestand.
  10. De waardepeildatum voor de rioolheffing loopt altijd één jaar achter ten opzichte van de daadwerkelijke areaaluitbreding, daarom zijn de extra inkomsten één jaar later opgenomen.
  11. Op basis van de werkelijke kosten 2025 en eerste inzichten 2026 is de begroting voor 2027 opgesteld. Hieruit blijkt dat de verwachte kosten voor jeugdhulp afnemen ten opzichte van eerdere prognoses. Het voordelige effect is voor 2026 en 2027 in eerste instantie ten gunste van de openstaande taakstelling gebracht. Het restant geeft een positief effect zoals opgenomen in deze tabel. Voor 2028 en verder is de ombuiging hoger als gevolg van de landelijke hervormingsagenda jeugd en onze eigen ombuigingen. De resterende ombuiging vanaf 2028 is nog ongeveer € 3 miljoen.
  12. De concept begroting 2027 van GR de Bevelanden laat een verhoging van de kosten zien voor wmo hulpmiddelen en re-integratie.
  13. Op basis van de werkelijke kosten 2025 en eerste inzichten 2026 is de begroting voor 2027 opgesteld. Hieruit blijkt dat de verwachte kosten voor wmo begeleiding en dagbesteding afnemen ten opzichte van eerdere prognoses.
  14. Voor verschillende beleidsterreinen is de huidige formatie onvoldoende om de bestaande taken uit te voeren. Dit betreffen deels centrumgemeentetaken. In de bijlage is een overzicht opgenomen van de voorgestelde formatie-uitbreidingen.
  15. Dit betreft de dekking van de voorgestelde formatie-uitbreidingen. Behoudens het aandeel van Goes in de centrumgemeentetaken is dekking voor alle uitbreidingen geborgd.
  16. Het budget is benodigd voor onderzoek naar eventuele herontwikkeling en al dan niet tijdelijke alternatieve huisvesting voor de huidige functies in accommodatie Jan Ligthart.
  17. Vanaf 1 januari 2026 is een Gebouw Automatiserings- en Controlesysteem (GACS) verplicht voor niet-residentiële gebouwen met een HVAC-vermogen van >290 kW. Dit vergt een eenmalig budget voor investering in apparatuur en software.
  18. De beklimvoorzieningen van de gemeentelijke kerktorens vergt een investering t.a.v. arboveiligheid.
  19. Dit zijn mutaties kleiner dan € 50.000. Een specificatie hiervan is opgenomen in de bijlage.
  20. De begrotingen van de meeste Gemeenschappelijke Regelingen over 2027 zijn door de deelnemers ontvangen. Uw raad ontvangt hierover een separaat raadsvoorstel. De hier opgenomen bedragen zijn mutaties op basis van deze concept begrotingen. Een specificatie hiervan staat in de bijlage.

Gemeenschappelijke Regelingen

Bedragen x € 1.000

Toelichting Gemeenschappelijke Regelingen

De begrotingen 2027 van de gemeenschappelijke regelingen geven een eerste beeld van de financiële ontwikkelingen binnen die organisaties voor de komende jaren. Deze ontwikkeling gaat leiden tot verhoging van kosten boven op de Zeeuwse-richtlijn. Vervolgens leidt dit tot een vraag naar een vergroting van de bijdragen van de deelnemers. De begrotingen 2027 van de gemeenschappelijke regelingen doorlopen in het eerste halfjaar van 2026 het proces van het beoordelen door de deelnemers, indienen van eventuele zienswijzen door de gemeenteraden en besluitvorming door het algemeen bestuur van de gemeenschappelijke regeling. Dit traject wordt in de eerste helft van 2026 afgerond en zal vervolgens bekend zijn voordat de gemeentelijke begroting 2027 wordt opgesteld.

Lijkbezorgingsrechten

Bij de behandeling van de belastingverordeningen 2026 is door het college de toezegging gedaan om de kostendekkendheid van de lijkbezorgingsrechten te onderzoeken. Dit onderzoek moet resulteren in voldoende informatie en mogelijke scenario’s om te komen tot een kostendekkende heffing lijkbezorgingsrechten. Eindresultaat is om hier inzicht in de geven bij de behandeling van de Kadernota/Programmabegroting 2027. De basis voor de tarieven lijkbezorgingsrechten en daarmee de kostendekkendheid ligt in de verordening lijkbezorgingsrechten die jaarlijks aan de gemeenteraad ter besluitvorming wordt voorgelegd.

In deze kadernota volstaan we met een kort advies en voor meer achtergrond verwijzen we u naar de notitie. Wanneer we kijken naar de uitgangspunten betaalbaarheid, in de pas met de tarieven van de regiogemeenten, dan is een forse tariefverhoging om de kostendekkendheid te verbeteren, niet passend. Daar komt bij dat het negatieve effect op de kostendekkendheid voor een groot deel ontstaan is door de wijziging van de overhead toerekening, zijn we van mening dat dit geen goede reden is om de tarieven fors te gaan verhogen. Dit betekent dat we voorstellen om voor toekomst uit te gaan van een lagere kostendekkendheid van 60%. Hiermee komen we dan uit op een dekking van 90% van de kosten van het taakveld (exclusief overhead). Dit kan betekenen dat de tariefstijging voor 2027 iets hoger uitvalt dan de jaarlijkse inflatie. Een hogere stijging van de tarieven om uit te komen op een kostendekkendheid van 90% of 100% vinden we ongewenst. We stellen voor om op basis van de nieuwe ramingen van kosten en opbrengsten 2027, met als uitgangspunt een kostendekkendheid van 60%, de tarieven te berekenen die via het voorstel belastingverordeningen aan uw raad voor gaan leggen.