Deze voorziening is na de bouw van de sluis gevormd om pieken in de onderhoudsuitgaven op te kunnen vangen. Doordat de sluis als onderdeel van de waterkering ook een veiligheidsvoorziening vormt, was dit een tweede beweegreden om een voorziening te vormen (met een voorziening zijn direct onderhoudsgelden beschikbaar bij eventuele calamiteiten).
Ten laste van deze voorziening worden uitgaven gedaan voor het groot onderhoud van de haven, kanaal en sluis. De voorziening wordt jaarlijks gevoed op basis van een genormeerde storting. De jaarlijkse voeding is gebaseerd op het geïnventariseerde onderhoud. Voor grote investeringen en opwaardering zal specifiek geld worden aangevraagd aan de hand van de vervangingsinvesteringslijst die jaarlijks bij de begroting wordt aangeboden.
Op basis van inspecties is in 2020 voor de voorziening haven kanaal en sluis een geactualiseerd meerjaren onderhoudsplanning tot en met 2040 opgesteld. Deze wordt 5-jaarlijks geactualiseerd.
Twee keer per jaar vindt een onderhoudsinspectie plaats van de diverse objecten, waarbij geconstateerd klein onderhoud direct wordt uitgevoerd en benodigd grootonderhoud op de meerjaren onderhoudsplanning wordt opgenomen. In 2027 staan de conservering van de sluisdeuren en de brug van Wilhelminadorp gepland, nadat in het voorjaar van 2026 de aanbesteding is doorlopen. Daarnaast zijn in het havengebied verschillende terreinen met aanliggende oeverconstructies verkocht. In 2027 ontstaat hierdoor een nieuw ijkpunt voor het toekomstige onderhoud via deze voorziening. Voor het huidige beheerplan is verlenging aangevraagd t/m 2027.