In onderstaande analyse wordt een inhoudelijke toelichting gegeven op afwijkingen ten opzichte van de begroting die groter zijn dan € 50.000 op taakveldniveau.
Bedragen x € 1.000
0.10 Mutaties reserves
Het nadelige effect van € 828.000 op de mutaties op de reserves is onderdeel van een per saldo neutraal effect binnen deze jaarrekening. De grootste effecten zijn:
- € 418.000 restant middelen voor het uitvoeren van groot onderhoud Omnium. Omdat er voor het groot onderhoud aan het zwembad nog geen sprake is van een onderhoudsvoorziening loopt dit jaarlijks over de algemene reserve via een neutrale resultaatbestemming (voordeel op de lasten, nadeel op de baten in de vorm van geen noodzakelijke onttrekking aan de algemene reserve).
- € 245.000 restant budget baggeren van de veste. Dit is gestart in 2025, maar de uitvoering loopt over de jaargrens heen. Ook dit is onderdeel van het voorstel tot een (neutrale) resultaatbestemming. Zie ook taakveld 5.7.
- € 139.000 hoger resultaat op de bouwgrondcomplexen dan begroot (zie ook analyses bij taakveld 8.1 en 8.2 inzake de bouwgrond). Een hogere storting in de reserve bouwgrond betekent hier een nadeel. Op de genoemde taakvelden is dit voor hetzelfde bedrag een voordelig effect (per saldo neutraal).
0.3 Beheer overige gebouwen en gronden
Het nadelige effect van per saldo € 479.000 wordt veroorzaakt door een aantal zaken.
Voor € 59.000 is sprake van een nadelig saldo vanuit de strategische grondposities. Hier spelen kosten (interne uren, advies en rentekosten), maar ook opbrengsten (bijvoorbeeld uit tijdelijke verhuuropbrengsten). Dit laat zich lastig begroten en fluctueert jaarlijks als gevolg van nieuwe ontwikkelingen.
Daarnaast is sprake van een nadelig effect van € 49.000 op het gemeentelijk eigendommen budget voor het Omnium. Enerzijds is sprake van een gunstig effect op het onderhoudsbudget van het Omnium. Dit maakt onderdeel uit van de resultaatbestemming 2025 en wordt daar verder toegelicht. Anderzijds is sprake van een nadeel van € 474.000 op de huurvergoedingen. Omdat de ingebruikname van Scalda Groen niet in 2025 is, wordt is een huurvergoeding van € 250.000 niet ontvangen. Dit was financieel al voorzien met een stelpost €250.000 welke geraamd is op het taakveld 0.8 "Overige baten en lasten" (Programma 1). Administratief zijn de lagere opbrengsten en de stelpost niet met elkaar verrekend, per saldo is dit binnen de jaarrekening 2025 sprake van een neutraal effect. Het verschil dat resteert is een lagere huur van €224.000. Voor de lagere huuropbrengst door de tijdelijk sluiting van sporthal 3 en de horeca €150.000 als gevolg van het project, werd in eerste instantie uitgegaan om dit ten laste van het project/investeringskredieten Omnium-Scalda brengen. Omdat we lagere huuropbrengst niet mogen activeren, maakt dit nu onderdeel uit van het jaarrekeningresultaat 2025. Het restantverschil van €74.000 wordt verklaard door lagere in rekening gebrachte huur als gevolg van regulier onderhoud aan het zwembad.
Op de gemeentelijke eigendommen is voorts een nadeel door tal van zaken. Een structureel effect is een nog ten onrechte opgenomen stelpost van € 45.000 op een te slopen gemeentelijk eigendommen als gevolg van ontwikkeling. De verlaging van het budget voor (groot) onderhoud was al op een juiste manier meegenomen in het beheerplan onderhoud gebouwen. Deze stelpost was daarbij over het hoofd gezien. Dit zal worden gecorrigeerd bij de Programmabegroting 2027.
Daarnaast is sprake van een meer structureel van aard zijnde overschrijding op allerlei kleine onderhouds- en beheerlasten op gebouwen die strategisch zijn aangekocht van c.a. € 120.000. Bezien zal worden of hier een budgetmutatie nodig is via Bestuursrapportage 2026 en Programmabegroting 2027.
Op de huuropbrengsten is sprake van een nadeel van c.a. € 75.000 als gevolg van bijvoorbeeld sloop, of tijdelijk geen verhuur. Voor 2026 (Bestuursrapportage 2026) en verder (Programmabegroting 2027) zal dit waar nodig aangepast wordt. Daar worden de daarbij behorende lasten ook betrokken.
Tenslotte vallen de kosten voor klein onderhoud en calamiteiten/storingen hoger uit dan verwacht, effect van c.a. 87.000. Dit laat zicht grotendeels verklaren door het inhalen van werkzaamheden die eerder al gepland waren maar vertraagd waren. Voor een deel is dus sprake van een incidenteel effect.
1.2 Openbare orde en veiligheid
Het nadeel van € 55.000 op dit taakveld wordt veroorzaakt door hogere kosten op de post Parkeerhandhaving. Dit wordt met name veroorzaakt door extra inhuurkosten vanwege ziekte.
2.1 Verkeer en vervoer
Het voordelige effect van € 645.000 wordt veroorzaakt door meerdere zaken. Deels is sprake van voordelige effecten die nog betrekking hebben op een eerder jaar. Een voorbeeld daarvan is een voordeel van € 176.000 op degeneratievergoedingen door extra inzet hierop, waardoor ook met terugwerkende kracht nog vergoedingen werden binnen gehaald met betrekking tot eerdere jaren. Daarnaast was sprake van een voordelig effect op de energiekosten voor Openbare verlichting als gevolg van een late terugbetaling over 2024 van € 123.000. Op de post voor Openbare verlichting is voorts sprake van een incidenteel voordelig effect als gevolg van ontvangen schadevergoedingen van c.a. € 105.000. Dit was (grotendeels) niet begroot gezien de onzekerheid van de vergoedingen.
Ook op de post voor kleiner en regulier onderhoud aan civiele kunstwerken is sprake van een incidenteel effect, voor een bedrag van c.a. € 106.000. Door personele wisselingen zijn de opdrachten voor de werkzaamheden pas in oktober 2025 verzonden. Hierdoor kunnen sommige werkzaamheden, zoals de schilderwerkzaamheden, vanwege de weersomstandigheden pas in het voorjaar van 2026 worden uitgevoerd.
Voor de straatreiniging is in het najaar subsidie ontvangen in het kader van zwerfafval, dat verklaard grotendeels het voordelige effect hierop van c.a. € 52.000.
Het restant verschil van c.a. € 83.000 voordelig zit in relatief wat kleinere restant budgetten (c.a. € 30.000) op het klein straat onderhoud, de beheerskosten van de bruggen en de onkruidbestrijding.
2.4 Economische havens en waterwegen
Het nadelige effect van € 147.000 wordt met name veroorzaakt door inhuurkosten voor personeel. De inhuur in de havens en op de sluis was wegens onvoorziene langdurige ziekte van medewerkers aanzienlijk hoger dan vooraf voorzien. Inhuur was noodzakelijk om de bedrijfsvoering te continueren.
5.7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie
Bij het taakveld 0.10 Mutaties op de reserves werd het per saldo neutrale effect van de nog af te ronden werkzaamheden voor het baggeren van de vestes benoemd. Het nadeel van € 243.000 op dat taakveld, is het voordeel op dit taakveld (nog niet uitgegeven deel van het budget). Dit maakt onderdeel uit van de resultaatbestemming 2025.
8.1 Ruimte en leefomgeving
Het voordelige effect van € 93.000 wordt door een tweetal zaken veroorzaakt en zijn beiden neutraal van aard binnen de gehele jaarrekening.
Allereerst is sprake van € 28.000 voordeel op faciliterende bouwgrondcomplexen (hoger resultaat dan begroot), dit heeft een relatie met het negatieve effect op het taakveld 0.10 Mutaties reserves (hogere storting in de reserve bouwgrondexploitaties).
Daarnaast resteert € 65.000 op de budgetten voor invoering van de Omgevingswet. Deze middelen zijn ingezet, maar de gemaakte uren zitten verspreid over andere taakvelden. Het effect binnen de gehele jaarrekening is neutraal.
8.2 Grondexploitatie (niet-bedrijventerreinen)
Het voordelige effect op dit taakveld wordt met name veroorzaakt door het € 90.000 hogere resultaat op de bouwgrondcomplexen in exploitatie dan begroot (zie ook analyses bij taakveld 0.10 en 8.1 Inzake de bouwgrond). Een voordelige effect hier, is voor hetzelfde bedrag een nadeel op het taakveld 0.10 mutaties reserves vanwege de hogere storting in de reserve bouwgrondexploitaties.
8.3 Wonen en bouwen
Het voordelige effect van € 1.667.000 wordt veroorzaakt door een drietal zaken.
Enerzijds is sprake van een effect van € 319.000 als gevolg van vrijval voorziening grijswater. De voorziening is herijkt op basis van de meest actuele en laatste verwachtingen.
Daarnaast was sprake van € 758.000 voordeel op de Omgevingsvergunningen. Dit komt met name doordat er een aantal grote bouwplannen zijn ingediend waar wij geen rekening mee hebben gehouden dat ze in 2026 zouden worden ingediend. Het gaat hierbij om de bouw van een koelvrieshuis en de realisering van in totaal 181 woningen.
Tenslotte is sprake van een gunstig effect van € 623.000 door een nog te ontvangen subsidie in het kader van de "Realisatiestimulans". Voor ditzelfde bedrag wordt een resultaatbestemming voorgesteld en een claim gelegd op de algemene reserve in afwachting van het nog aan de raad voor te leggen doel van besteding van deze middelen. De Realisatiestimulans is een specifieke uitkering voor gemeenten. Met deze uitkering steunt het Rijk alle gemeenten in heel Nederland bij het realiseren van betaalbare woningen.